Enthousiaste vijfde leerjaar live in de Vooruit
Om de resultaten van het Apestaartjarenonderzoek bij kinderen een gezicht te geven, ging een van de namiddagsessies live naar Sint-Barabara, naar klas 5B van meester Philip. De meeste onderzoeken over jongeren en digitale media focussen op middelbare scholieren, maar Graffiti en Jeugdwerknet wilden ook weten of lagereschoolkinderen al zo goed uit de voeten kunnen met de nieuwste media.
Net voor de klas live naar de Vooruit ging, polste een reporter van Jeugdwerknet al eens bij vier leerlingen naar hun gebruik van nieuwe media: Arend, Stan, Alexander en Jan-Willem blijken fervente gebruikers van internet. Bij het viertal zijn gsm’s iets minder ingeburgerd (enkel Alexander heeft een gsm), maar tijdens de vragensessie vanuit de Vooruit wordt duidelijk dat de meeste leerlingen een gsm hebben. Vijftien van de 24 hebben hem mee naar de klas, en vijf van hen gebruiken de gsm zelfs als ze eigenlijk zouden moeten slapen. Na verder doorvragen vanuit de Vooruit blijkt dat het gsm-gebruik van twee van hen ervoor zorgt dat ze de volgende dag moe zijn.
Internet gebruiken ze vooral om spelletjes te spelen. Vooral ‘zwaarden en sandelen’ is heel populair bij de vier leerlingen van Sint-Barbara. Runescape, dat nog net in de top-10 van het onderzoek raakte, lijkt wat over zijn hoogtepunt heen. Alexander heeft zich destijds wel proberen registreren, maar na een probleem met het wachtwoord liet hij het spelletje maar voor wat het is.
Behalve spelletjes gebruiken ze het internet ook om mails te sturen naar vrienden en familie. “Kettingmails stuur ik niet door, en je moet natuurlijk ook oppassen met virussen. Wat ik wel leuk vind is mails doorsturen met grappige foto’s”, lacht Jan-Willem. Allevier gebruiken ze het internet ook om filmpjes te kijken op YouTube. Arend kijkt ook naar het nieuws op internet als er iets interessants gebeurd is.
Tot slot gebruiken ze internet ook voor contact met vrienden. Dat gebeurt vooral via Netlog.
Hoewel ze weten dat ze eigenlijk nog te jong zijn voor een account op Netlog (of Facebook), trekken ze zich daar niets van aan. Stan heeft geen Netlogprofiel, en is ook niet meteen van plan er een aan te maken. “Ik zie gewoon niet waarom je dat zou moeten hebben. Hetzelfde voor Facebook. Misschien dat ik ooit weleens zo’n profiel aanmaak, maar dat weet ik nu nog niet.”
De leerlingen met een Netlogprofiel hebben tussen de 20 en 50 vrienden, met Siebert als grootste uitschieter. “Ik heb er 151, denk ik. En of ik die allemaal ken? Nee, natuurlijk niet. Maar dat is toch niet erg?” De andere jongens en meisjes proberen wel iets bewuster om te gaan met hun profiel. Zo laat Alexander zijn foto’s alleen aan zijn vrienden zijn. En Julia vertelt aan de zaal van de Vooruit dat, onder andere, haar achternaam en adres verborgen zijn voor niet-vrienden.













Reacties
Nieuwe reactie inzenden